Explosie aan de Amstel
Een keiharde knal, ik zit rechtop in bed. Glasgerinkel. In gedachte zie ik een grote, zware container voor me die uit een hoogwerker is gevallen. Phoebe, mijn hondje die normaalgesproken bij elk lullig vuurwerkknalletje met de staart tussen de benen een donker hoekje opzoekt, blijft rustig liggen. Misschien heb ik het gedroomd? Even ben ik in twijfel, dan hoor ik een afschuwelijk geschreeuw. ‘Help! Help mij. Help!’ Nu ben ik klaar wakker, hoewel mijn systeem de weg naar helder denken nog niet lijkt te vinden. Ik vlieg mijn bed uit en hol naar het raam. Niks te zien, nog wel steeds geschreeuw. Mijn hart pompt inmiddels zo driftig het bloed door mijn aderen, dat het zich in mijn keel lijkt op te hopen. Ik hol onbezonnen naar beneden naar de tuin, daar natuurlijk ook niks te zien, maar nog altijd dat afschuwelijke geschreeuw. Ik moet er naartoe, maar ik ben me opeens heel bewust van het slaapshirt waarin ik loop, dus eerst weer naar boven hollen om een broek aa...